Terug naar Zoekresultaten

Bekijken

Het beddenbankje rust op vier deels gedraaide poten, die elk eindigen in een bol. De bovenkanten van de poten bestaan uit langwerpige rechthoekige huizen, die verbonden zijn met de vier zittingregels. De voorzittingregel heeft twee getande bogen en de zijregels hebben elk één getande boog. De zwikken van de bogen zijn gedecoreerd met een rozet. De achterregel vertoont een ovale boog. Samen dragen de regels een rechthoekig blad, dat aan drie zijden van een geprofileerde rand is voorzien. Het meubel vertoont sporen van een beschildering: op de regels zijn sporen van groen te zien, op de tanden en de cirkels is rood en verguldsel zichtbaar. Op de rozetten is ook verguldsel te zien op een gele grond en de huizen hebben een marmerimitatie. De voorregel is bovendien voorzien van een fries met figuren: de bijbelse voorstelling van de vijf wijze en vijf dwaze maagden (Nieuwe Testament: Mattheus 25: 1-13; P.C.J.A. Boeles, Hindeloperkunst"in: Het huis oud en Nieuw, 4e jrg., 1906, p. 361).

Beddenbankje

Instelling Centraal Museum
Collectie Collectie
Deelcollectie Collectie Centraal Museum
Soort / type bank, bed
Objectnummer 50086
Materiaal eikenhout, grenenhout
Bron http://centraalmuseum.nl/ontdekken/object/#o:33469
meer