Bekijken

Rond 1845 liet de Amsterdamse suikerfabrikant C.H. Cordes dit herenhuis bouwen. Aanvankelijk droeg het de naam Hoogerheide, maar na Cordes' overlijden raakte de naam Bloemenheuvel in zwang. Waarschijnlijk is het een vernoeming naar Cordes' vrouw Hendrika Bloemen. Het neoclassicistische hoofdhuis wordt omgeven door een park, dat nig elementen van de oorspronkelijke landschappelijke aanleg heeft, zoals een groep rode beuken, moerascypressen en een waterpartij. Aan de overkant van de Hoofdstraat herinneren een paar monumentale beuken in een glooiend weiland nog aan de oorspronkelijke overtuin. In de loop van de zeventiende tot de twintigste eeuw zijn er door rijke stedelingen landgoederen en buitenplaatsen aangelegd op de Utrechtse Heuvelrug. Ze werden tot dit gebied aangetrokken door het fraaie landschap waar gejaagd kon worden en waar ze grote siertuinen konden aanleggen naar Franse en Engelse mode. Langs dehuidige N225 -goed bereikbaar per rijtuig en later stoomtram en trein - ontstond zo een snoer van landgoederen en buitenplaatsen: de "Stichtse Lustwarande".

meer