Bekijken

Rond 1840 werd de buitenplaats Kraaijbeek als beleggingsobject gesticht door Margaretha de Jongh. De naam Kraaijbeek is afgeleid van de naam 'Onder de Craijen', een hofstede die reeds vanaf het einde van de zestiende eeuw op deze plek had gestaan. Op de buitenplaats verrees een neoclassicistisch pand, naar ontwerp van de architect Pieter Adams. De villa was ver van de Hoofdstraat af gelegen en had daardoor een grote voortuin. Links voorin de landschapstuin, aan de Hoofdstraat,stond een koepeltje. Eind negentiende eeuw kreeg het buitenhuis een extra verdieping en werd het voorzien van erkers. Ook werd een grote vijver gegraven bij het huis. Eigenaar W.G.A. Diederichs liet in 1901 vijftig hectare bos (het gedeelte van het Kraaijbeekse Bos langs het seminarieterrein tot ver voorbij de Arnhemse bovenweg) na aan de gemeente Rijsenburg. Het huis zelf en het overige deel van het park kwam in bezit van de familie Melvill van Carnbee.Deze familieliet het huis in 1911 verbouwen naar ontwerp van de architect A.J.W. Harzing. Het pand kreeg hierdoor het uiterlijk van een eclecticistische villa. Kort na de verkoop van Kraaijbeek door de weduwe Melvill van Carnbee in 1924 werden stukken van het terrein verkaveld en bebouwd met huizen. Dit gebeurde in eerste instantie aan de Diederichslaan en vervolgens aan de Van Oosthuyselaan. In 1970 is het huis Kraaijbeek helaas door brand verwoest. Het was inmiddels in gebruik als bejaardentehuis. Er werdeen nieuw bejaardentehuis opgetrokken. Ook werd het bijbehorende koetshuis, de landschappelijke weide parallel aan de Diederichslaan en een tuinbouwterrein met kassen overgedragen aan eenstichting met als doel om er biologisch dynamische landbouw verder tot ontwikkeling te brengen.

meer