Bekijken

De oudste vermelding van Moersbergen dateert van 1435, toen Steven van Sleen leenheer werd van het kasteel werd. Hetbestond toenwaarschijnlijk uit een zaalbouw van twee bouwlagenen eenkelder. In de loopvan detijd werd Moersbergenverder uitgebreid met verschillende vleugels. In de eerste helft van de zestiende eeuw werd het kasteel onder meer werd uitgebreidmet een bijzondere vijfzijdige uitbouw,een uitgebouwde traptoren en eenduiventoren. Op 23 mei 1539 werd Moersbergen erkend als ridderhofstad. Hetkasteel moet toen omgracht zijn geweest en een riddermatig voorkomen hebben gehad. Tussen 1650 en1730 vond er wederom een grote verbouwing plaats. Mogelijk geschiedde dezeverbouwing in opdracht van Cornelis de Boodt, die het kasteel in 1707 had gekocht van een nazaat vanVan Sleen. In ieder geval liet De Boodt de kruiskozijnen in de achtergevel vervangen door moderneschuifvensters. Ook bracht hij wijzigingen aan in het park, dat een eenvoudige aanleg had metclassicistische elementen. Tussen 1824 en 1825 werd Moersbergen in opdracht van Johan Daniel d' Ablaing in neogotische stijlgebracht. Bij deze verbouwing werden de achter- en zijgevels van de achterste vleugel geslooptevenals de uitgebouwde toren aan de zuidzijde. Secreten werden vervangen door balkons, en in plaatsvan schuifvensters kwamen er neogotische ramen. Het kasteelwerdgeheel gepleisterd. Tevens werd het park in landschapsstijl gebracht, waarbij de bestaande zichtassenwerden gehandhaafd. Ook verscheen ten zuiden van het huis een parkbos en kreeg het huis nieuwebijgebouwen. Rond 1866 volgde een verdere transformatie in neogotische stijl in opdracht van Vincent Matthias d' Ablaing. Hierbij kreeg onder meer de noordwestvleugel een imposante gevel in Duitse hanzegotiekstijl. Het ontwerp was waarschijnlijk van de Utrechtse architect Samuel Adrianus van Lunteren. In 1927 werd de neogotische tranformatie weer ongedaan gemaakt en werd Moersbergen via een ingrijpende verbouwing teruggebracht in Hollandse renaissance stijl, naar ontwerp van architect J.W.H. Berden. Het interieur werd in zeventiende-eeuwse stijl gebracht, maar behield de stucplafonds uit 1866. De landschappelijke aanleg, waarin de hoofdstructuur van de vroegere geometrische aanleg behouden is, bleef ongewijzigd.

meer