Slavernij in Utrecht

Hoe slavernij en Vianen met elkaar verweven zijn

5 min

Na jarenlang onderzoek publiceerde Lianne Damen in 2020 de historische roman De Smeekbede: het op ware feiten gebaseerde relaas van Wilhelmina (Dédé) van Kelderman, een tot slaaf gemaakte vrouw van wie de ‘meester’ in Vianen woonde.

Stedelijk Museum Vianen besloot er samen met de schrijfster een tentoonstelling over te maken die in 2024 te zien is voor het publiek. Ook is er een toneelvoorstelling in de maak en zijn er plannen voor een lesprogramma. Ook won het museum met een educatief project rond De Smeekbede de Utrechtse Erfgoedprijs 2022. Tijd voor een interview met de schrijfster van De Smeekbede; Lianne Damen.

Waar komt jouw affiniteit met het slavernijverleden vandaan?
‘Ik heb geschiedenis gestudeerd met als specialisatie kolonialisme. Die belangstelling voor het verleden was er altijd al. Toen ben ik in 2000 bij de uitgeverij van het Koninklijk Instituut voor de Tropen gaan werken, waar het ongemakkelijk verleden vaak ter sprake kwam. Daarnaast wilde ik eigenlijk ook graag zelf schrijven. In 2010 kwam dat bij elkaar toen ik op de Sailing Letters stuitte. Dit is een historisch onderzoek naar ongeopende brieven, opgeslagen in Britse archieven. Engelsen kaapten Nederlandse schepen en archiveerden de brieven die ze in beslag namen. Het waren brieven van zeelieden, van zeemansvrouwen, van handelaren. Eén van die brieven was van Wilhelmina van Kelderman, een tot slaaf gemaakte die net was vrijgemaakt. Met haar verhaal kwam geschiedenis en schrijven uiteindelijk bij elkaar.’

Kun je iets over Wilhemina van Kelderman vertellen?
‘Ik was door haar brief gegrepen. Een zwarte vrouw die vanuit Suriname een brief stuurt naar haar voormalige meester in Nederland. Ze was een tot slaaf gemaakte, die eerder vanwege haar kookkunsten door haar meester naar Vianen werd gehaald. Ze is er twee jaar geweest en volgens de regel destijds was je na één jaar vrij. Toen ze teruggestuurd werd was ze dus eigenlijk vrij. Toch vraagt ze haar oude meester in de brief om hulp, omdat blijkt dat de documenten niet in orde zijn. Maar die brief is dus nooit aangekomen. Ik wilde heel graag weten hoe het met haar is afgelopen. Met hulp van de historici die de brief onderzochten, van bronnen en van allerlei ander onderzoek ben ik haar verhaal gaan uitpluizen.’

Van Wilhelmina weten we alleen dingen die de Nederlanders hebben vastgelegd in officiële documenten. Haar doop, bijvoorbeeld, en op welke plantage ze woonde. Verder weten we weinig over haar

 

Hoe worden die historische gebeurtenissen dan een roman?
‘Eén van de redenen er een boek over te schrijven was omdat veel mensen zeiden dat er weinig over het onderwerp bekend was, dat ze het nooit op school hadden gehad en ze zo weinig van dit verleden meekregen. Terwijl ik dacht bij het Tropeninstituut heel actief met die geschiedenis bezig te zijn geweest! De verhalen verdienen het nog toegankelijker te worden. Van Wilhelmina weten we alleen maar de dingen die de Nederlanders hebben vastgelegd in officiële documenten. Haar doop, bijvoorbeeld, en op welke plantage ze woonde. Verder weten we maar weinig over haar. Dus je moet alles zien te reconstrueren aan de hand van andere gebeurtenissen, die andere mensen zijn overkomen. Dat kan ook niet anders, want over tot slaaf gemaakten is nauwelijks iets opgeschreven. 

Wil je het verhaal van Wilhelmina vertellen ontkom je er niet aan er dingen bij te halen, die wél echt zijn gebeurd, maar niet per se met haar. Je moet een bepaalde mate van fictie toepassen, want heel veel dingen weten we gewoonweg niet. Zo werd het een roman. Opmerkelijk genoeg paste ik de fictie soms ook aan op de werkelijkheid. Dan bleek uit een bron de werkelijkheid veel aansprekender dan ik zelf had kunnen bedenken!’

Je boek wordt een toneelstuk en is ook gekoppeld aan een tentoonstelling van Stedelijk Museum Vianen. Helpt dat je verhaal op een andere manier toegankelijk te maken?
‘Ja, dat denk ik zeker, ik hoop het ook. Ik hoop dat er een ander publiek mee bereikt zal worden. En het verhaal is veel breder dan mijn boek alleen. Ook buiten de grote steden waren Nederlanders op allerlei niveaus en gradaties participanten binnen het slavernij-systeem. Zo werden er in Vianen veel mensen geronseld voor de VOC. Of er werd in slavernij geïnvesteerd zonder dat men precies wist hoe het er aan de andere kant van de wereld aan toeging. Dat kan heel indirect zijn. Alleen de grondgedachte dat een ander mens minder waard is, dat ligt aan de basis van deze geschiedenis. Doordat dat nu op veel manieren aandacht krijgt, komen meer mensen met die verhalen in aanraking. En hoe meer je erover weet, hoe beter je je kunt inleven in al die verschillende verhalen. Ik geloof dat zoiets altijd tot meer begrip leidt. Een verhaal brengt een geschiedenis, het brengt mensen tot leven.’

Heeft onze huidige omgang met het Nederlandse slavernijverleden behoefte aan meer verhalen?
‘Het is soms nog een beetje ongelukkig hoe er nu met dit verleden wordt omgegaan. Neem de excuses van het kabinet, hoe goedbedoeld misschien ook [op 19 december 2022 bood kabinet Rutte IV namens de Nederlandse staat excuses aan voor het Nederlands slavernijverleden, red.]. Er is te weinig uitwisseling geweest met mensen die erbij betrokken zijn. Het helpt al als je probeert je te verplaatsen in de ander.'

Bronnen

Damen, L. (2020), De Smeekbede.

 

Geschreven door Pim Sierink Webredacteur UtrechtAltijd Ontdek alle verhalen van deze schrijver

Meer info