Utrechtse kastelen en buitenplaatsen

Geestverschijningen op Rotsoord

7 min

Vreemde dingen gebeurden er op Buitenplaats Rotsoord aan de oostkant van de Vaartse Rijn net buiten de stad Utrecht. Rond 1780 maakte het wat vervallen buitenhuis een geheimzinnige en spookachtige indruk. Het werd omringd hoge geschoren taxushagen. Daar bovenuit staken grillig gesnoeide bomen en bijzondere rotsachtige stenen bouwwerken. Arbeiders van nabijgelegen steenfabrieken zouden liever zijn omgelopen dan na het vallen van de avond in de buurt van Rotsoord te komen. Wat was er aan de hand?

Bewoner van Rotsoord was destijds Abraham Keer (overl. 1804). Deze ongehuwde en bejaarde man hield zich bezig met de beoefening van de natuurkunde. Dat was in de tijd van de Verlichting niet ongewoon. Er werden veel wetenschappelijke experimenten gedaan en men probeerde door middel van de rede natuurschijnselen te verklaren. Het stoffige huis had sombere kamers, waarvan de muren bedekt waren met beschilderde behangsels, die echter door de vele volle boekenkasten die ervoor stonden nauwelijks zichtbaar waren.

Sommige voorbijgangers dachten dat hier boze geesten in het spel waren...

Lichtflitsen en verdwijntrucs

Abraham Keer had allerlei instrumenten in huis die lichtflitsen gaven en in het donker vreemde figuren vertoonden op de muren. Sommige voorbijgangers dachten dat hier boze geesten in het spel waren, ondanks de twee engelen die het familiewapen boven de voordeur bewaakten. Abraham Keer zou de koperen belknop met een elektriseermachine verbonden hebben om lastige bedelaars door een schok af te schrikken. Ook zou hij in enkele kamers valluiken hebben laten aanbrengen, waarmee hij zich ongemerkt aan het gezelschap van zijn gasten kon onttrekken. Hij had er ook lol in om uit zijn rijtuig te ‘verdwijnen’ en de koetsier te verrassen door eerder thuis te zijn dan het rijtuig. Veel bekijks trok Abraham Keer in 1783 en 1784 toen hij twee (weinig succesvolle) ballonvaarten organiseerde.

Galgenplaats

Het geloof in geestverschijningen kan versterkt zijn door de nabijgelegen gerechtsplaats, ten zuiden van de galgwetering. De galgenplaats met knekelveld grensde ten noorden aan wat nu het gemeentehaventje is en lag tegen de grens van de stadsvrijheid, zo ver mogelijk van het stadscentrum. De galgenplaats bestond uit een driehoekige put met op iedere hoek een lange mast. De palen waren bovenin met elkaar verbonden. Daaraan werden lichamen van ter dood gebrachte misdadigers opgehangen. Verder stonden er enkele lange staken met er bovenop een horizontaal rad, waar ook lichamen aan vastgemaakt waren. Dit hele spektakel was bedoeld om vreemdelingen die de stad naderden af te schrikken en duidelijk te maken dat het de Utrechters menens was met de handhaving van het recht. Niet voor niets bevond zich de galgenplaats aan de Vaartsche Rijn, dat met het zandpad ernaast gold als één van de belangrijkste en drukste verbindingswegen met de stad. 

Wat overbleef

De buitenplaats Rotsoord raakte zodanig in verval dat die in 1840 is vervangen door een ander huis. Op deze plek werd later de Utrechtsche Machinale Stoelenfabriek (UMS) gevestigd, later Pastoefabriek genoemd. En de verhalen over Abraham Keer? Die zijn bewaard gebleven in de ‘Herinneringen uit de laatste twintig jaren van de 18e-eeuw’, geschreven door Cornelis J. Nagtglas. Cornelis was een kleinzoon van Johanna Francina van Oort, die weer een kleindochter was van de bouwheer van Rots-Oort: François van Oort. De verhalen lijken weliswaar sterk anekdotisch maar berusten wel degelijk op feiten.

Geschreven door Peter Sprangers Historische Kring Tolsteeg-Hoograven

Meer lezen

Peter Sprangers, 250 jaar Rots-Oort aan de Vaartsche Rijn, 1668-1918 (Utrecht 2022) 180 p.

Aanvullende informatie