Verhaal

Oorlogsfoto’s die de vervolging van minderheden en dan vooral de vervolging van joden tot onderwerp hebben zijn niet er niet zoveel. Daar staat tegenover dat de foto’s die we wél uit die periode kennen zonder uitzondering een extra lading hebben – ze vertellen een deel van dat grote, onbegrijpelijke verhaal van de moord op bijna 104.000 uit Nederland weggevoerde joden. Hartverscheurend zijn de beelden van degenen die argeloos en optimistisch in de lens kijken, maar van wie we weten dat hun een fataal lot wachtte.

Auteur: Ad van Liempt

Zoals de zusjes Sophia en Hadassa Wijzenbeek, een tweeling, gefotografeerd door Nico Jesse, in de Utrechtse Agnietenstraat. Er staat nog een even vriendelijk glimlachend meisje tussen hen in, van wie we de naam niet kennen. De tweeling is in Auschwitz vermoord, net als hun ouders en broer. 

Spoorloos

En dan de foto van Lou Streep; hij poseert met Roosje en dochtertje Hetty voor de camera van vriend en buurman Piet Bruinsma. Lou is de man van de geslaagde verdwijntruc: hij is op een dag spoorloos – vertrokken, zegt Roosje tegen iedereen. In werkelijkheid verstopt hij zich in huis, niemand die het merkt, Roosje verzorgt hem. Heel af en toe maakt hij in de duisternis van Zuilen een nachtelijk wandelingetje met Bruinsma, om even een luchtje te scheppen. Lou overleeft en kan in mei 1945 weer boven water komen.

Moed van anderen

Zo zijn er meer die het allerergste lot hebben ontlopen, bijna altijd dankzij de hulp en de moed van anderen. In het kindertehuis Kindjeshaven zijn in totaal wel 150 joodse kinderen tijdelijk ondergebracht, in afwachting van hun overbrenging naar een veilig onderduikadres ergens in het land. Het was een geoliede machine waarin twee verzetsvrouwen een sleutelrol vervulden: ze namen de joodse kinderen tijdelijk op in hun tehuis, tot er ergens een plek voor ze was.

De foto waarop de tweeling Deetje en Joekie tussen zeven andere kinderen te zien is tijdens een wandeling in het Wilhelminapark, doet het je opeens beseffen: zo ging dat dus in de praktijk.

Zelfvoldaan poseren

Des te schriller steekt daar die foto tegen af, waarop de Jodenjagers van de Utrechtse politie zelfvoldaan poseren met hun hoogste bazen. De afdeling van chef Jan Smorenburg (links) heette Centrale Controle en werkte nauw samen met de Sicherheitsdienst die op de Maliebaan was gevestigd. Ze hadden vanaf najaar 1942 een speciale taak: het opsporen en arresteren van zoveel mogelijk joden. Vele honderden hebben ze er opgepakt. Zoals ook in andere steden was een kleine afdeling speciaal met deze taak belast. Hun inzet werd aangewakkerd door de mogelijkheid tien gulden per arrestant als premie te incasseren. Ze stralen enige trots uit als ze worden gefotografeerd. Middenvoor zit hoofdcommissaris Kerlen. Hij wordt in september 1943 door het verzet geliquideerd.

Dit is één van zeven verhalen die Ad van Liempt schreef bij de 50 Utrechtse foto’s die werden verzameld voor het landelijke project De Tweede Wereldoorlog in 100 foto’s. Ad van Liempt was lid van de keuzecommissie en maakte met RTV Utrecht de serie Tijd van Toen over de Utrechtse foto’s.  

 

 

meer

verhalen

Gerelateerde objecten

meer