Verhaal

Je dacht bij deze titel misschien aan ridders en jonkvrouwen, maar met het Zwaard van Jutphaas zijn geen wereldse gevechten beslecht. Met een lengte van “slechts” 42 centimeter, zou je ook eerder spreken van een verlengde dolk. Ongeslepen en zonder ooit een handvat te hebben gehad, lijkt het eigenlijk een nutteloos wapen te zijn geweest. Toch vertegenwoordigt het Zwaard van Jutphaas een bijzonder verhaal en een onopgelost mysterie.

Auteur: Nathalie Vermin, Museum Warsenhoeck

Kort na de Tweede Wereldoorlog werd “ons” zwaard gevonden bij het baggeren op het terrein van scheepswerf en machinefabriek “De Liesbosch”. Hoewel nu gelegen in Utrecht, maakte De Liesbosch tot 1954 onderdeel uit van de toenmalige gemeente Jutphaas. Jarenlang heeft het in de woning van de baggeraar gehangen, voordat de huidige Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed op de hoogte werd gesteld. In 2004 werd het zwaard te koop aangeboden en kon het Rijksmuseum van Oudheden te Leiden, met subsidie, het zwaard bemachtigen. Een uitstekende replica is te zien in Museum Warsenhoeck in Nieuwegein.

Bijzonder zeldzaam

Slechts zes gelijksoortige zwaarden zijn er in Europa gevonden, waarvan twee in Nederland. Gedateerd tussen 1800 en 1500 v. Chr. is dit Zwaard van Jutphaas het enige dat nog hier te bewonderen is. Het andere exemplaar uit Nederland, gevonden in Ommerschans, is door de vinder nooit verkocht en inmiddels met de familie naar Beieren meeverhuisd. Het type zwaard dankt zijn naam mede aan deze laatste vondst: het Plougrescant-Ommerschans type. De vier andere zwaarden zijn gevonden in Frankrijk (Beaune en Plougrescant) en in Engeland (Norfolk en Oxborough). De zwaarden worden wel gezien als variatie op het St. Brendan-Tréboul type, met een vergelijkbaar lemmet, alleen met een andere afwerking.

Van bijzondere kwaliteit

Onderzoekers bestempelen de zwaarden van hoge kwaliteit, uit een legering van koper en tin tot brons vervaardigd. De gelijkenis tussen de zwaarden is zó groot, dat het vermoeden bestaat dat ze van dezelfde maker komen. Hoe de verspreiding heeft plaatsgevonden is echter onbekend: hebben we hier te maken met een rondreizend vakman, of zijn rondreizende klanten? Ook het gebruik van de zwaarden is niet onomstotelijk bewezen. Ongeschikt als wapen, maar wel van bijzondere makelij, was het vermoedelijk een ceremonieel zwaard. Het werd gebruikt bij offerandes of was juist het offer zelf. Een andere theorie is het gebruik als waardevast goed: een reservemiddel, wat achter de hand gehouden werd om te kunnen gebruiken of verhandelen in slechtere tijden. In ieder geval geeft de vondst blijk van de activiteiten in onze regio in de bronstijd en is het zwaard met zijn schoonheid en zeldzaamheid een uitzonderlijk object uit onze geschiedenis. De eerste pioniers in onze provincie leefden in een gebied dat oorspronkelijk helemaal niet zo geschikt leek voor bewoning. 

Meer lezen?

- J. Schut, 'De oudste geschiedenis van het grondgebied van Jutphaas', in: Jutphaas … verleden tijd (uitgave van de Historische Kring Nieuwegein, [1983]), p. 9-23.

- G.H.P. de Waard, 'Scheepswerf en machinefabriek "De Liesbosch"', in: Cronyck de Geyn 1 (1990), p. 3-18, te vinden op www.museumwarsenhoeck.nl.

meer
meer