Verhaal

Als je tussen Breukelen en Vinkeveen op de autosnelweg A2 rijdt, zoef je door een oer-Hollandse scene. Dit tracé loopt dwars door de polder Oukoop en vlak langs de weg staat een molen aan rivier de Angstel. Dit is de Oukopermolen, een wipmolen.

De Oukopermolen is hier gebouwd om in de Oukoper polder droge voeten te houden. Een gebied dat in de middeleeuwen moerasachtig was, maar dat werd uitgeveend. Maar door het weghalen van veen verlaagde de bodem tot rond het grondwaterpeil en werd de grond te nat. Op verschillende plekken werden uiteindelijk molens ingezet om de polders te bemalen. De structuur in het landschap, het zogeheten copelandschap, is nog aanwezig en goed te zien rond de Oukopermolen.

Watermolen

De polder Oukoop is in 1642 gesticht, toen gaf de Staten van Utrecht daarvoor toestemming in een octrooi. Men kreeg ook goedkeuring om voor het bemalen een molen op te richten op de plek waar rivier de Enge Angstel in de Nieuwe Wetering uitkwam ‘[…] het voorscreven verlaer op den grondt van Loennresloot sal stellen een bequame suffisantre waetermolen’. Welk type watermolen gebouwd zou moeten worden, was niet direct duidelijk. In een verslag spreekt men over een ‘middelmatige agtkante molen’. Het wordt uiteindelijk een vierkante molen, een wipmolen, die in 1644 voor het eerst in bedrijf is.

Scheprad

Het ‘wippen’ in de naam kan verwijzen naar het schudden van de molen als de wieken hard draaien. Of naar het scheprad dat het water uit de polder naar de hoger gelegen boezem ‘wipt’. Kenmerkend voor de wipmolen is, naast het scheprad, de vaste piramidevormige onderkant, met daarop het bovenhuis met de wieken. En om die goed op de wind af te kunnen stellen, het zogeheten kruien, kan het hele bovenhuis draaien. Dat is anders dan bij de meeste molens, de zogenaamde bovenkruiers, waar alleen de kap met wieken kan draaien.

Snelheid

Om het waterpeil zo snel mogelijk te verlagen, moeten molens hard kunnen draaien. Poldermolens, zoals de wipmolen, kunnen veel harder draaien dan korenmolens. Tot 100 enden kan de molenaar de poldermolen onder controle houden. Dat betekent dat er 100 keer per minuut een wiek het molenhuis passeert. Voor een korenmolenaar ligt de grens op 60 enden, anders verbrandt het korenmeel tussen malende molenstenen.

Vrijwilligers

De Oukopermolen draaide van 1644 tot 1961. In dat laatste jaar is hij stilgezet omdat de molenroeden er slecht aan toe waren. De taak van de molen werd toen overgenomen door een dieselpomp. Vanaf 1972 zijn het vrijwilligers van het Gilde van Vrijwillige Molenaars die de wieken van de molen laten draaien. Een van de eerste vrijwilligers is Jan Kurver. Hij is 25 jaar molenaar geweest. Bij bijzondere gelegenheden versierde hij de molen. Dat deed hij een keer zo uitbundig dat er op de naastgelegen rijksweg een opstopping ontstond.

In de provincie Utrecht zijn meer wipmolens gebouwd. Deze vind je in dit overzicht van de Molendatabase.

Bronnen en meer lezen

- Appeldoorn, B (2019) Wind, water, wieken en werk. Markante molens langs de Vecht.

- Schiereck, P (2002) De Oukoper molen van toen tot nu. Montfoort/ Oukoop.

- Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek en Lopikerwaard, Oukoopse molen, via rhcrijnstreek.nl

 

meer
meer