Verhaal

Negentiende-eeuws kalm vermaak: op een mooie zondag anno 1860 wandelen over de paden van het Singelplantsoen. Aan de overkant van het water het buitengebied, aan deze kant de oude stad. Vanuit de verte klinkt een orkest dat in de muziektent een uitvoering geeft. De bomen zijn nog jong, pas aangeplant in dit nieuwe landschap. Je vraagt je af: hoe zou het er hier uitzien over honderd jaar?

Auteur: Peter van Walstijn, schrijfteam UtrechtAltijd

De oude middeleeuwse walmuur die om de stad Utrecht liep was in de loop der tijd in verval geraakt. Hij bood een rommelige aanblik met privétuinen, theekoepeltjes, leerlooierijen en zelfs een vuilnisbelt. Toen in het begin van de negentiende eeuw de defensie van ons land met de Nieuwe Hollandse Waterlinie op een andere leest geschoeid werd, verzocht de stad Koning Willem I de muur te mogen slechten.

Van Asch van Wijk

Achter het initiatief zat de energieke burgemeester van de stad: H. M. A. J. van Asch van Wijk. Zijn bedoeling blijkt uit de naam van de ter zake ingestelde commissie: Commissie ter Verfraaiing en Uitbreiding der Stad Utrecht. In de om de stad slingerende vrijkomende ruimte zou een "wandeling" worden aangelegd in de vorm van een plantsoen. Utrecht moest zo aantrekkelijk worden voor de welgestelde, beschaafde burgerij, zodat deze in Utrecht bleef wonen dan wel besloot zich in de stad te vestigen. Het plantsoen zou ruimte bieden voor villabouw. De werkende stand zou er ook baat bij hebben: zij konden met schop, houweel en kruiwagen emplooi bij de aanleg vinden. De Stadsbuitengracht bleef liggen, dat was noodzakelijk voor de scheepvaart. Sinds 1825 liep de handelsroute van de Keulse Vaart door de Catharijnesingel. Al met al vormt het plan een vroeg voorbeeld van integrale stadsvernieuwing.

De tuinarchitect

De burgemeester en zijn Commissie trokken de Haarlemse landschapsarchitect Jan David Zocher aan, in de provincie bekend als ontwerper van de Tombe van Nellesteijn op de Heuvelrug. Met de aanleg van het Utrechtse singelplantsoen introduceerde hij de Engelse landschapsstijl in de publieke ruimte. Daarmee werd in tuin en park de gebruikelijke strenge geometrie vervangen door vloeiende natuurlijke lijnen. De muren en kazematten van de wal gebruikte hij om hier en daar hoogteverschillen aan te brengen. De rest van de afgebroken oude muur werd als tweedehands bouwmateriaal aan aannemers verkocht. Ook was hij onder andere betrokken bij het ontwerp van Villa Lievendaal op Lepelenburg (waar jaren later Prinses Irene tijdens haar studie "op kamers zat"), bij het ontwerp van de bebouwing aan de Asch van Wijckkade.

Lotgevallen

In de loop der tijd raakte het buitengebied aan de overkant van het water dicht bebouwd. Bomen van het park groeiden steeds hoger, maar heesters verdwenen uit overwegingen van sociale veiligheid. De muziektent op het Lucasbolwerk waar geregeld een militaire kapel "geniemuziek" ten gehore bracht werd minder bezocht en verdween. Het scheelde maar een haar of de singels werden in de jaren '60 van de vorige eeuw gedempt om plaats te maken voor een rondweg! Vanaf 2000 echter werd het Zocherpark gereconstrueerd en de gedeeltelijke demping ongedaan gemaakt. Utrecht beschikt dus gelukkig nog steeds over een vijf kilometer lange wandeling door een stadspark met honderden inmiddels eeuwenoude bomen, beschermd door een Rijksmonumentale status die het plantsoen deelt met bijvoorbeeld het Vondelpark en het Wilhelminapark.

Bronnen en meer lezen

- Dekker, I. & De Ruiter, G. (2009) Zochergroen wandelen langs de bijzondere bomen in het Utrechtse Singelpark. Utrecht: Begijnekade 18 Uitgevers

- Wijkck, van der H.M.W. (1959) Het plan Zocher. Maandblad Oud-Utrecht, jaargang 32, nr 5, 65-68.

- Woud, van der, A. (1978) Het lege land: de ruimtelijke orde van Nederland, 1798-1848. Uitgeverij Olympus.

 

meer

Gerelateerde objecten

meer